Zaterdag 9 oktober 2010

Vanmorgen haastje repje de laatste dingen inpakken en in de auto pakken, terwijl ik ondertussen John uit bed haal. Vervolgens rijden we naar Dalegarth om afscheid te nemen van David en Susan. Ook daarvoor niet teveel tijd, want wij moeten weer naar de  tentoonstelling in Leyburn. We hebben hier afgesproken voor een heel bijzondere ontmoeting. Nog pas een paar weken geleden kwam ik in contact met een achternicht. Haar grootvader en John’s grootvader waren broers, en vochten samen in de Eerste Wereldoorlog. Zij is een van de dichtstbijzijnde Heseltines die ik tot nog toe met het stamboomonderzoek heb gevonden. Ookal kennen we elkaar nog niet, we vinden elkaar heel snel en hebben een heel gezellige tijd samen met haar en haar man.

Natuurlijk raken we niet uitgepraat, maar zij willen nog rondkijken in Wensleydale, naar alle dingen die wij al gezien hebben deze week, en wij moeten ook op weg. Omdat het opnieuw erg mistig is rijden we wel richting Richmond, maar er is niet veel te zien. Dan maar rechtstreeks naar het hotel dat we voor de laatste paar dagen hebben gereserveerd, tussen Middlesbrough en Guisborough. We rijden vooral over hoofdwegen en arriveren rond een uur of 3 bij het Premier Inn hotel. Het is om te beginnen al een worsteling om het hotel in te komen. Je moet door twee klapdeuren, die niet op een of andere manier open kunnen blijven staan, om in de lobby te komen en dan nog weer door een klapdeur en de kamerdeur om in onze kamer te komen. Als ik er later wat van zeg beroepen ze zich op regels van de brandweer, niet erg klantvriendelijk! Alleen met de bagage kom ik er al nauwelijks doorheen als ik mijn handen vol heb, laat staan met de rolstoel als ik die tegelijk moet duwen, over een drempeltje moet krijgen en deuren aan twee kanten moet open doen en open houden!

De kamer ziet er best mooi uit, maar het is het allemaal net niet. Het bed is prima, maar ik kan het net niet ver genoeg van de muur schuiven om genoeg ruimte te krijgen voor de rolstoel. En het is duidelijk dat de rolstoel aan die kant van het bed hoort, want daar is het koordje voor het alarmsysteem. Je kunt overigens ook niet aan de andere kant van het bed komen, doordat het tafeltje aan de muur de doorgang langs het voeteneind te smal maakt. Probeer maar eens een hoek van 90 graden met een rolstoel te maken als je in beiden gangetjes de rolstoel er net doorkrijgt! De badkamer is al niet veel beter. De wastafel is ingebouwd, en er tegenover is een bad (sic! wel met beugels…..) en het toilet zit precies klem tussen de wastafel en het bad. Geen ruimte dus om de rolstoel naast het toilet te krijgen voor een transfer. dus dat wordt leuk voor mij. Tot overmaat van ramp ligt het hotel vlak langs een hele drukke weg en hoor je continu het verkeer langs razen. Het is bloedheet in het hotel, en met al dat verkeer is het ook niet echt prettig om het raam open te zetten. Ik heb alleen ook geen zin om een ander hotel te gaan zoeken, want dit hotel lag op een geschikte locatie voor ons.

Het bed is gelukkig wel comfortabel, al voelt het best wel smal na het uiterst ruime bed in Buckden. We besluiten vroeg te gaan eten in de aan het hotel grenzende pub Cross Keys. Even zoeken naar een plek waar John makkelijk met zijn benen onder de tafel kan en ook niet in de weg zit in het gangpad, maar de serveerster is heel behulpzaam en vindt een goede tafel voor ons. Dat wordt meteen onze vaste tafel voor de komende dagen. Omdat we naast het hotel zijn en dus niet meer met de auto hoeven kan ik me meteen ook weer te buiten gaan aan de cider. Het eten blijkt er erg lekker te zijn. Na het eten een rustige avond in bed met de tv. Gelukkig houden daarna de oordopjes het ergste geraas van de auto’s op afstand.