Dinsdag 22 juni 2010

Eén van de dingen die wij altijd graag doen op vakantie is dingen bezoeken met een historisch tintje. Dit jaar wil John graag de plek bezoeken waar de Viking Rollo vrede sloot met de Frankische koning Karel en daardoor de eerste Hertog van Normandië werd. Dat is in het dorpje St Clair sur Epte. Volgens de Michelingids is de vallei van de Epte de moeite waard om een tochtje door te maken. Omdat het de grens vormde tussen Normandië, en dus later Engeland, en Frankrijk was het het terrein voor diverse veldslagen. Voor dat tochtje kun je het beste beginnen in Gisors. Het is wel even rijden, maar klinkt de moeite waard. Dit ondanks het feit dat we ook vandaag weer vroeg gewekt zijn door de kerkklokken, die kennelijk elke ochtend luiden.

Het is prachtig zonnig als we het huisje verlaten en door het mooie Normandische landschap oostwaarts rijden. In Gisors parkeer ik naast de resten van het oude kasteel, eigenlijk niet meer dan een donjon op een heuvel met een versterkte muur rondom de eerste slotgracht. De donjon is gebouwd door Willem II van Engeland, dus al weer een paar generaties later dan Rollo. Vervolgens is het kasteel verder versterkt door niemand anders dan Hendrik II van Engeland, en later Philipe Auguste. In de slotgracht is een park aangelegd, dus een ideale plek om te picknicken. En we zijn niet de enigen die dat doen. Het grote verschil is dat alle Fransen een bankje in de zon zoeken, en wij tevreden zijn met een bankje in de schaduw. Misschien omdat wij al een week zon achter de rug hebben?

Vanuit het park heb je een mooi uitzicht over de rest van Gisors en de omgeving. Ik loop een rondje om de donjon. Ook hier is het pad weer helemaal vol met kiezels, dus te zwaar voor een rolstoel. Vervolgens zoeken we het begin van de route langs  de Epte. Daarvoor moet ik nog wel een paar keer heen en weer rijden, want Tommie stuurt me steeds een andere kant op dan ik zou willen en ik kan ook niet overal stoppen om op de kaart te kijken.

In St Clair sur Epte is nauwelijks iets terug te vinden over het vredesverdrag van 911, al heet het centrale plein wel Place Rollon. Een steegje vanaf dit plein leidt naar de restanten van een kasteel, maar die liggen op privéterrein, dus die kun je niet van dichtbij bekijken. Hetzelfde geldt voor de donjon van Neaufles st Martin, die je beter van een afstand kunt bekijken, dan steekt hij mooi boven het dorp uit. Vandaar volgen we de route een stuk tot aan Chateau sur Epte, nog weer een donjon kasteel gebouwd door Willem II. Ook dit is gewoon onderdeel van een boerderij, maar je kunt wel vlak langs het kasteel rijden.

De rest van de weg staat niet op de kaart die ik bij me heb, dus volg ik Tommie verder naar Vernon. Misschien niet de mooiste route, maar we hebben wel een beetje genoeg gezien. We stoppen nog even in Giverny, waar het natuurlijk weer gigantisch druk is, zelfs zo op een door de weekse dag. En dan willen we nog niet eens de tuinen van Monet in. Dat zou wel kunnen want er zijn goede invalidenparkeerplaatsen dichtbij, en de paden in de tuin zijn er ook op berekend. De zon verdwijnt weer achter de wolken, dus laten we Tommie de snelste weg naar huis vinden, zonder over een tolweg te hoeven. Het resultaat is trouwens dat we wel over de Pont de Brotonne terug moeten over de Seine. Meteen ook weer de rand van de wolken. Vanaf de brug is de terugweg naar huis bijna hetzelfde als gisteren. John vindt het jammer dat we te laat terug zijn om Frankrijk van Zuid-Afrika te zien verliezen, maar je kunt niet alles hebben.